Diabetes Behandeling Voeding Risico's
 

Verklarende woordenlijst

aceton afvalstof die in het lichaam geproduceerd wordt bij de verbranding van vetten
alvleesklier zie pancreas
amyloid zetmeelachtig eiwit dat in de pancreas kan afgezet worden en diabetes veroorzaakt
anorexie gebrek aan eetlust
AST alternative site testing: bloed prikken op andere plaatsen dan de vingertop
beta-cellen cellen in de pancreas die insuline produceren
clickertraining traingingsmethode op basis van positieve bekrachtiging
dextrose andere naam voor glucose of druivensuiker
fructosamine eiwit in het bloed dat suikers bindt
glucagon hormoon dat de bloedsuikerspiegel doet stijgen
glucosespiegel gehalte aan glucose in het bloed
glycosurie aanwezigheid van glucose in de urine
glycemie gehalte aan glucose in het bloed
honeymoonfase andere naam voor remissie
hyperglycemie te hoog glucosegehalte in het bloed (meestal hoger dan 180 mg/dl)
hypoglycemie te laag glucosegehalte in het bloed (meestal lager dan 70 mg/dl)
insuline hormoon gevormd in de pancreas dat het bloedsuikergehalte verlaagt
insulineresistentie ongevoeligheid van lichaamscellen voor insuline waardoor deze niet werkzaam is, meestal veroorzaakt door overgewicht
keto-acidose hoge concentraties aceton in het bloed door tekort aan insuline met gevaarlijke verzuring van het bloed tot gevolg
ketonen afvalstoffen die bij de verbranding van vetten in het lichaam gevormd worden, waaronder aceton
koolhydraten suikers, eenvoudige of complexe zoals zetmeel. Bij de vertering worden ze afgebroken tot glucose
lactose melksuiker, bestaat uit een molecule galactose en een molecule glucose
micromol (µmol) 1/1000.000e van een mol of grammolecule, d.i. het aantal gram van een verbinding gelijk aan het moleculair gewicht
millimol (mmol) 1/1000e van een mol. 10 mmol/l glucose komt overeen met 18 mg/dl
nadir voetpunt, met deze term wordt het laagste bloedsuikergehalte bij de piekwerking van insuline aangeduid
pancreas alvleesklier; klier in de omgeving van de maag die enerzijds instaat voor de verteringsenzymen en anderzijds de hormen insuline en glucagon produceert
polydipsie overmatig drinken
polyurie overmatig plassen
prikker toestelletje om een bloeddruppel te prikken
remissie fenomeen waarbij na de behandeling van diabetes geen of minder insuline meer nodig is
sacharose of sucrose: de gewone suiker uit bieten of suikerriet, bestaat uit een molecule glucose en een molecule fructose
TLC tender love and care; in hoge dosissen toe te dienen
 
 
 
omhoog