|
Mensen met diabetes gebruiken meestal een insulinepen in plaats van wegwerpspuitjes. Je gebruikt dan insulinepatronen van 3 ml in plaats van flacons, net zoals je inktvullingen in een vulpen plaatst (als je nog met een pen schrijft, natuurlijk...) Het zou psychologisch gemakkelijker zijn om jezelf met een pen in te spuiten, waarbij de naald niet zichtbaar is, dan met een spuitje.
Je brengt een patroon in de pen, duidt het aantal eenheden aan dat je wilt inspuiten, brengt een wegwerpnaaldje aan, plaatst de pen op de spuitplaats en duwt op een knopje om de insuline te injecteren. Je hoeft dus niet telkens de benodigde insuline uit een flacon op te trekken.
Je hebt ook minder wegwerpafval, enkel een klein pennaaldje in plaats van een hele spuit.
Lijkt wel handig, maar het gebruik van een pen bij katten heeft toch wel enkele nadelen.
Niet alle insulines kunnen met een pen gebruikt worden, o.a. zinkinsulines zoals Caninsulin, of andere insulines die niet in patroonvorm verkrijgbaar zijn.
Naargelang het type pen is de dosering instelbaar per 1 of 2 eenheden (vb. Optipen Pro 1 / Optipen Pro 2). Halve eenheden kan je bij de meeste pennen niet instellen (tenzij bij enkele pennen voor kinderen), terwijl er voor de kat toch een verschil van 50% is tussen een dosis van 1 E of 1,5 E.
Voor elke injectie en na het aanbrengen van een nieuwe pennaald, moet je de pen ontluchten en testen door, naargelang het type, 1 of 2 eenheden insuline door te spuiten. Je verspilt dus telkens een hoeveelheid insuline die bijna gelijk is aan de dosis die je wil toedienen, wat het verbruik van insuline natuurlijk opdrijft.
Je hebt ook minder controle op de effectieve toediening van de insuline, je "ziet" niet wat er in de pen gebeurt nadat je de knop ingedrukt hebt.
De injectie zelf verloopt ook trager met een pen; na de injectie moet je de pen dan ook 5 à 10 seconden ter plaatse laten om zeker te zijn dat de volledige dosis werd toegediend.
Katten vinden een snelle prik niet erg, maar 5 à 10 seconden kan misschien ietsje teveel gevraagd zijn.
Een pen is meestal maar geschikt voor insulines van een bepaald merk, vb. Novopen voor de insulines van Novo Nordisk, HumaPen voor de insulines van Eli Lilly en Optipen voor insulines van Sanofi-Aventis, waaronder Lantus.
De Autopen 24 type 1/21 is eveneens geschikt voor Lantus en zou iets handiger zijn. De cijfers 1/21 staan voor de instelling per 1 eenheid met een maximum van 21 eenheden.
Met een pen kan je ook geen verschillende types insuline in één toediening mengen (voorzover de types die je gebruikt al mogen gemengd worden natuurlijk).
Pennen kosten zo'n 50,00 tot 80,00 euro of meer naargelang het merk en de uitvoering (kunststof of metaal). Ze gaan doorgaans een paar jaar mee.
Pennaalden zijn er in verschillende lengtes, van 5 tot 12 mm.
|